Ik vecht tegen mijn leven,
mijn leven vecht tegen mij.
Terwijl ik duik in golven die mij de bodem zullen tonen,
aan het einde van deze neervaartse spiraal.
Ik beslis bewust hoogmoedig de deinende getijden te trotseren,
en spring gezapig.
Vrijblijvend. Allesbehalve vrij.
Een olympisch duiker in een geënsceneerd incident.
Een illusionist die van de slechte afloop van zijn te ambitieuze act wist.
.
Ik vecht tegen mijn leven,
mijn leven vecht tegen mij.
Ik weer geen een geweer meer af in mijn hoofd,
dat mij braaf van het leven berooft.
Moe laat ik dan het koude ijzer in deze moordgedachte toe,
om mijn lippen te schrapen,
en voor even op mijn tong te slapen.
In die slaap warmt mijn koorts het kruit wakker,
tot het vuurwapen op zijn beurt flakkerend mijn keel aan flarden scheurt.
.
Ik vecht tegen mijn leven,
mijn leven vecht tegen mij.
Een pas gebruikt mes op het aanrecht,
dat slecht echter niet onterecht me
de doodstraf bij toeval oplegt.
In een brute slachting tegen de verwachting in,
dat de gele jongen een gouden binnenkant heeft.
Mijn gevoelens reizen aan een snelheid van zeventien lichtjaar.
Schijn bedriegt, uitstraling liegt.
© 2024 Emil Krastev